Je cursus verkopen zonder platform: hoe je het zelf regelt
Cursusplatforms nemen tussen de 20 en 50 procent, of een vast maandbedrag. Voor wie al een publiek heeft is dat zelden nodig. Dit is hoe je het zonder doet.
Je hebt iets uitgezocht waar mensen voor willen betalen. Een cursus over boekhouden, over Lightroom, over adverteren op Meta. De vraag is niet of je het kunt maken, maar hoe je het verkoopt zonder dat er een platform tussen komt te zitten dat de helft meeneemt en je klanten overneemt.
Wat de bestaande platforms je kosten
Grofweg zijn er drie soorten, en ze rekenen alle drie anders af.
Marktplaatsen zoals Udemy brengen je cursisten. Dat is echt iets waard als je nog geen publiek hebt. Je betaalt ervoor met een fors deel van je omzet en met het feit dat de cursist klant is van de marktplaats, niet van jou. Verkoop je via hun advertenties, dan blijft er van een cursus van honderd euro weinig over.
Cursusplatforms zoals Teachable of Thinkific verkopen je software, geen publiek. Je betaalt maandelijks en houdt per verkoop bijna alles. Dat rekent pas als je gestaag verkoopt, want in een stille maand betaal je gewoon door.
Een eigen webshop geeft je de meeste controle en kost de meeste tijd. WooCommerce of Shopify plus een betaalkoppeling plus een manier om het bestand te leveren. Prima als je toch al een site draait, veel werk als je dat niet hebt.
Wat er eigenlijk moet gebeuren
Ontdaan van alle software komt het neer op drie dingen. Iemand moet kunnen zien wat hij koopt, hij moet kunnen betalen, en hij moet daarna het bestand krijgen.
Dat is het. Alles wat een platform daarbovenop biedt — een cursusomgeving met voortgangsbalkjes, quizzen, certificaten — is nuttig bij een cursus van tien uur met twintig modules. Bij een pdf van veertig pagina's, een videoreeks of een set sjablonen is het overhead.
De route zonder platform
Zet je cursus in één bestand of in een paar bestanden. Een zip met video's, een pdf, een map met sjablonen. Bepaal je prijs. Maak er een betaallink van en deel die waar je publiek al zit: je nieuwsbrief, LinkedIn, een Facebook-groep, je Instagram-bio.
De koper klikt, ziet wat hij krijgt, rekent af en heeft het bestand. Geen account, geen inlog, geen wachtwoord dat hij kwijtraakt.
Dat klinkt simpeler dan een cursusplatform omdat het dat ook is. De vraag is of je de rest mist, en voor de meeste cursussen onder de tweehonderd euro is het antwoord nee.
iDEAL is niet optioneel
Hier gaan internationale platforms de mist in. Udemy, Teachable, Gumroad en Podia rekenen af met creditcard en soms PayPal. In Nederland betekent dat dat een deel van je kopers afhaakt.
Niet omdat ze geen creditcard hebben, maar omdat ze hem niet gaan zoeken voor een aankoop van vijftig euro terwijl ze gewend zijn twee tikken in hun bankapp te doen. Bij een impulsaankoop is elke extra handeling verlies.
Dit is het praktische argument om voor een Nederlandse oplossing te kiezen, en het is groter dan een paar procent verschil in tarief.
Btw en de Belastingdienst
Verkoop je als ondernemer een digitale cursus aan Nederlandse particulieren, dan reken je btw. Welk tarief geldt hangt af van wat je precies levert: een kant-en-klare download valt anders dan live begeleiding. Vraag dat na bij je boekhouder, want het scheelt en het luistert nauw.
Verkoop je aan particulieren in andere EU-landen, dan komt de btw-regeling voor digitale diensten om de hoek kijken, met de One Stop Shop als je boven de drempel komt. Bij een handvol verkopen per maand is dat geen probleem, maar het is wel iets om te weten voordat het er honderd zijn.
Ik ben geen fiscalist en dit is geen belastingadvies. Het punt is dat je het meeneemt in je prijs, niet dat je het na afloop ontdekt.
Waar je op moet letten bij levering
Een cursus is groter dan een foto. Let op de maximale bestandsgrootte van wat je ook kiest, en op wat er gebeurt als een koper het bestand kwijtraakt. Krijgt hij een link die blijft werken, of moet hij jou mailen?
En denk na over doorverkoop. Een pdf die rondgaat in een WhatsApp-groep is verdiend geld dat je niet krijgt. Een watermerk per koper stopt dat niet, maar het maakt wel traceerbaar wie hem heeft gedeeld — en dat weten kopers meestal ook.
Wanneer een platform wél de moeite waard is
Eerlijk blijven: er zijn gevallen waarin het wel loont. Als je cursus echt lang is en cursisten hun voortgang moeten kunnen bijhouden. Als je een community eromheen wilt draaien. Als je nog geen enkel publiek hebt en de vindbaarheid van een marktplaats je eerste kopers moet opleveren.
Maar als je al mensen hebt die naar je luisteren, en je verkoopt één afgebakend ding voor een reële prijs, dan betaal je bij een platform vooral voor functies die je niet gebruikt.
Veelgestelde vragen
Kan ik een cursus verkopen zonder eigen website?
Ja. Een betaallink heeft zijn eigen pagina met een preview, de prijs en de betaalstap, dus die werkt als een winkeltje van één product. Je deelt hem in je nieuwsbrief, op LinkedIn of in je bio, en de koper hoeft nergens een account voor te maken.
Moet ik btw rekenen over een online cursus?
Als ondernemer wel. Welk tarief geldt hangt af van wat je precies levert; een kant-en-klare download wordt anders behandeld dan live begeleiding. Verkoop je aan particulieren elders in de EU, dan speelt de regeling voor digitale diensten mee. Leg dit voor aan je boekhouder voordat je je prijs bepaalt.
Wat kost het verkopen zonder platform?
Reken de totale kosten, niet het percentage op de voorpagina. Tel het platformdeel, de betaalkosten, eventuele valutakosten en de kosten bij uitbetaling bij elkaar op. Kijk daarnaast naar hoe lang je op je geld moet wachten en of iDEAL erbij zit, want dat bepaalt in Nederland hoeveel kopers daadwerkelijk afrekenen.
Verder lezen
Klaar om je eerste bestand te verkopen?
Geen creditcard, binnen een minuut online.
Gratis beginnen